Het leven van een vierde kind onder twee grote zussen én een grote broer is niet altijd makkelijk. Je wordt zomaar opgepakt en weer ergens anders neergezet. Je moet lachen op commando en krijgt kusjes zonder erom te vragen.
Gelukkig heeft onze jongste genoeg mogelijkheden om zich kenbaar te maken. Hij brult, hij kronkelt, hij kijkt moeilijk, hij piept, hij duwt weg. Op zich duidelijk genoeg, als je erop let. Maar voor kinderen die leren ‘stop, hou daar mee op’ te roepen, misschien niet?
Er is geen betere plek om te leren grenzen te stellen én deze te respecteren, dan in het gezin. Als er één plek is waar dit gebeurt, dan daar. Ongegeneerd. Meestal dus met een luid ‘STOP!’, maar hoe jonger het kind, hoe meer er vooral lichaamstaal is. En daarmee zitten we ineens midden in me-too.
Grenzen zijn niet altijd zo duidelijk. Zeker niet als het gaat om intimiteit. Want waar een baby geen seconde nadenkt over wat hij wil, is dat bij jongeren en volwassenen heel anders. Wat wil je eigenlijk? Je bent nog druk bezig dat uit te vinden, maar dan gebeurt er al iets. Hoe ga je daarmee om? Ik denk dat kijken en soms letterlijk voelen de sleutel is.
En dat begint al heel, heel jong. Daarom zeg ik tegen de oudere kinderen: ‘Kijk eens naar je broertje. Hoe ziet het eruit? Vind hij dit leuk? Wil hij dit?’ Nee, niet echt. ‘Een baby kan nog niet praten, dus je moet goed voelen en kijken om te weten wat hij wel of niet wil en er dan ook naar luisteren. Kinderen die wel kunnen praten, laten ook vaak merken dat ze iets niet willen. Of een mond nu ‘nee’ zegt, of een lichaam… het is altijd belangrijk om te luisteren.’
En daarmee is ook weer duidelijk: seksuele opvoeding begint vanaf de geboorte!






Geef een reactie