Soms denk je dat opvoeden vooral eenrichtingsverkeer is, maar niets is minder waar. We hebben zelf ook nog een hoop te leren! Ik wel in ieder geval.
Neem nou het onderwerp wensen en grenzen. We leren onze kinderen dat ze hun ‘nee-gevoel’ serieus mogen nemen. Daarbij stellen we enkele kaders, maar laten hen daarbij vrij ontdekken wat zij zelf fijn vinden en wat niet. Je mag iets anders ervaren dan een ander, leren we hen. Durf je maar te uiten.
Tot dat als een boemerang naar terugkeert. Zelf heb ik de perfecte plek om me te uiten over wensen en grenzen; in een liefdevolle relatie. Ik ben uniek, vind het één wel fijn en het ander niet. Mag dat er zijn? Is dat oké?
Zelf heb ik de nogal sterke neiging om me af te vragen of het wel normaal is. Zijn er meer die dat ervaren? En zo niet, wat dan? Maakt dat mijn wens of grens minder oké?
In een podcast van Cocky Drost (Seks met sokken) sprak zij twee jonge vrouwen. Zij waren seculier opgegroeid en zouden dus alle vrijheid moeten ervaren, dacht ik. Maar dat was voor hen een nieuw ‘juk’ geworden. In hun omgeving hoorden ze dat alles oké zou moeten zijn, maar wat als iets voor hen juist níet goed voelde? Mocht dat ook?
Er zijn veel persoonlijkheidstesten. En het is logisch om te veronderstellen dat ook seksualiteitsbeleving verschillend is, waarbij er vast overlap te vinden is en een bepaald type persoonlijkheid. Wie weet ontdek ik zo’n test nog eens.
Voor nu leer ik gezellig met de kinderen mee. Ja, je mag anders zijn. Luister naar wat jij prettig vind en niet. En ga daarover in gesprek, uit dat maar.
Seksuele vorming werkt twee kanten op. Gelukkig maar.






Geef een reactie